Ach, ach, lieve knofvogelfans! Nou moeten de
Garlicbirders toch wel even wat kwijt inzake de, nu alweer flink op gang zijnde,
vogeltrek: ‘Stelletje kutvogels!’. Zo, dat is er uit! Lopen ze de halve dag rond langs de
Slikken van Flakkee, mooi weertje, hoewel wat fris, terwijl boven hun hoofden, veelal ongeveer van west naar oost, achter elkaar groepen vogels, of groepjes, of enkelingen, maar alles bij elkaar duizenden overvliegen. Mooi toch, zou u zeggen…Ja, zeker, mooi. En jawel, de vele honderden
kieviten, ’t is leuk om te zien (en als de vogelbeschermers nou nog 1 keer beweren dat het slecht gaat met deze vogels, dan zullen de GB’ s roepen: ‘Joh, doe toch niet zo achterlijk!’). En die honderden
koperwieken, echt heel leuk, toen ze zich eens goed lieten zien in de duindoornstruiken…maar die kleine vogeltjes van ongeveer het formaat
vink die zonder onderbreking over kwamen, die bleven gewoon stug doortrekken. Niks even zitten in struik of boom; niks foerageren, zich te goed doend aan bes of zaad…Nee, ze vlogen als gekken door, richting oost. En nou hebben onze knofvogelvrienden duizenden vogeltjes gezien zonder te weten wat het waren. Lekker vogelen, hoor! Dat schiet zo niet op. En dan kunnen ze vele honderden ganzen hebben gezien (
grauwe,
rot,
brand en
nijl),
dodaarsjes,
wintertalinkjes,
smienten,
putters, een hoop
zwanen, een
havik, een
smelleken, en zelfs een nieuwe op de lijst: de (hier zeldzame)
grote pieper, maar toch is dat met die overtrekkende kutvogeltjes geen bevredigend vogelen. En dan hebben we het niet eens over al dat piepend, kwetterend en zingend volk dat weigerde te gaan topzitten, en zich verborgen hield in struik en boom. Wacht maar, ettertjes, tot de blaadjes gaan vallen!
Maar Tiengemeten maakt veel goed
De
Garlicbirders laten zich door de frustratie van zaterdag niet op de kop zitten: vandaag togen ze gewoon weer naar
Tiengemeten. En ook daar namen ze heel wat kleinere vogeltjes niet waar, maar toch op minder tergende wijze: het eiland ligt niet echt op de trekroute van de kleinere vogels. Maar wat het eiland (op hoogtijdagen helaas een natuurkermis, maar op maandagen, als het
Rien Poortvlietmuseum en het bezoekerscentrum zijn gesloten nog goed te pruimen), wat het eiland aan fraais te bieden had, woog beslist tegen het ongeziene op. Wat dacht u van zo'n 60 tot 70
grote zilverreigers bij elkaar in de grote plas in het oostelijk deel! Diezelfde plas waar honderden
kieviten en misschien wel duizend
wintertalingen rondzwermden. En what about de bijzonder fraaie waarnemingen van
bruine kiekendieven,
een bruine kiekendief en
slechtvalk samen,
blauwe kiekendieven, een
torenvalk, een schijtende
buizerd!? En als kers op de taart, aan het eind van hun wandeling, spotten onze knofvogelvrienden een
klapekster! Het gemaskerde beestje liet zich 2 keer heel goed zien. Kijk, en dat maakt het vogelen zo mooi, ondanks de teleurstellingen en frustraties die er ook zijn.